Wrijving (vervolg)

TERUGwrijving.html
Wrijving  (vervolg)

Wrijving  (vervolg)

Er ontstaat bij wrijving hoofdzakelijk warmte-energie, maar ook elektrische energie (elektriciteit) en/of akoestische energie (geluid, muziek). Als je een langspeelplaat (LP) of een pvc-buis opwrijft met een doek, wordt deze opgeladen; statisch opgeladen. Als je een plaat op een platenspeler draait zónder de versterker aan te zetten, kun je heel dicht bij de naald de muziek horen. De wrijving veroorzaakt geluid, hier muziek.

Een andere voorbeeld van het ontstaan van akoestische energie uit wrijving is het bespelen van een muziekinstrument, hier bespelen we de viool.

Figuur 9 De vioolsnaar wordt door wrijving in trilling gebracht

Hier rechts in figuur 9 zie je de snaren van een viool, de rest is weggelaten. Door de wrijvingskracht tussen de strijkstof én de snaren ontstaan er trillingen. Deze trillingen horen wij als geluid.

De wrijving die we tot nu besproken hebben, is de wrijving tussen een bewegend én een stilstaand vlak of punt. Dat heet ook wel: glijdende wrijving.

Ander voorbeeld is het piepen van een deur.

Er bestaat ook een wrijving, die ontstaat doordat een vlak elastisch vervormt. Dat heet rollende wrijving. Deze vervorming komt door het gewicht van het object.

Figuur 10a Rollende wrijving

Hierboven in figuur 10a zie je een rijdende autoband. Door het gewicht van de auto wordt de band ingedrukt op de weg. Hierdoor ontstaat wrijving (op het rode lijntje). De rode boog wordt dus ingedukt door het gewicht van de auto en wordt net zo plat als de weg.

UITBREIDING


De auto rijdt naar links, dus helemaal links van het rode wrijvingsvlak is de druk het hoogst. Op dat punt is zijn de wrijvingskrachten het hoogst. Er ontstaat daar een groter remmend draaimoment. Hoe harder de ondergrond is, hoe groter de elastische reactiekracht zal zijn én des te kleiner het remmende moment en de rollende wrijving. Dit effect wordt gebruikt bij kogellagers, rollagers en cilinderlagers. De glijdende wrijving is vervangen door rollende wrijving, zodat de wrijving vele malen lager is.

Bij kogellagers maakt je gebruik van rollende wrijving, omdat de wrijving zo laag mogelijk moet zijn. Dan loopt de machine of voertuig het soepelst.

Figuur 10b Het gecombineerde effect van glijdende en rollende wrijving bij het afremmen van een auto

In figuur 10b (links) zit je weer een autoband van een rijdende auto. Deze keer willen we remmen, ook wel handig.

Bij het afremmen van een auto of ander voertuig is het juist nodig om zoveel mogelijk wrijving te hebben als je kunt krijgen. Bijna iedere autobestuurder heeft weleens gehad, dat je remde en je doorschoot; bijvoorbeeld met sneeuw of ijs op de weg. Het maximum van de remkracht, dus de wrijvingskracht, is dan bereikt.

In figuur 10b (hierboven) zie je dat er zowel glijdende als rollende wrijving gebruikt wordt bij het afremmen. De rollende wrijving is de rode lijn; het rode vlak tussen de band en het wegdek (slecht te zien). De rollende wrijving hier kun je verhogen door de banden beter te maken en door het wegdek goed te maken. De glijdende wrijving zie je bij de remmen, de zwarte bogen met de rode bogen. Logischerwijs, hoe beter de remmen, hoe beter de remkracht, lees de wrijvingskracht.

Zeer binnenkort volgen nog de volgende onderwerpen:


  1. de wetten van de wrijvingsweerstand;

  2. de wrijvingsweerstand R;

  3. de wrijvingscoëfficiënt;

  4. inwendige en uitwendige wrijving;

  5. en nog vele meer ...